Under The Surface

Club Nine, TivoliVredenburg, Utrecht
Donderdag 26 september 2019
tekst: Storm Bakker
beeld: foto Robin Boer / edit STAB

Na een stevige wandeling door de regen, omdat de bus niet voor de deur stopt, arriveren wij op de druilerige donderdag 26 september in het hoge TivoliVredenburg. We zijn op weg naar het live concert van Under The Surface, met de betoverende sirene Sanne Rambags in de hoofdrol. Maar zover is het nog niet… We zien huizenhoog op tegen het onvermijdelijke parcours van roltrappen, sluipdoortjes, brandgangen en trappetjes, dat we moeten nemen om de concertlocatie Club Nine te bereiken. We hebben geluk… Een charmante supposte van TivoliVredenburg is bereid ons persoonlijk met de lift naar de negende verdieping te brengen, een lift die bovendien direct uitmondt in de zaal. Een voorbeeldige service, terwijl de gastenlijst niet was uitgeprint en het meisje ons moest geloven op onze donkerbruine ogen en natte haren. Dat mag ook wel eens gezegd worden, in een land waar cultuur -en dan met name muziek- steevast onderaan de prioriteitenlijst bungelt en waar het ethos van horeca en dienstverlening over het algemeen niet ver daarboven staat.

Anemoscoop

Een goed begin dus van deze concertavond, die meteen vervolg kreeg door het koude biertje dat ons fluisterzacht werd aangereikt en de vrije plaatskeuze, zodat we konden neerzijgen in een luie stoel zonder buren. Telefoon op vliegtuigstand, ogen dicht en snaveltjes toe. Het publiek luistert vol aandacht en ademloos. Under The Surface verstaat de kunst om met hun klankenkunst het publiek te absorberen, zonder dat het hoeft te participeren. Under The Surface speelt één lange set zonder pauze, zelfs zonder oponthoud tussen de nummers, die eigenlijk geen nummers zijn maar delen van een groot geheel, een gedroomd verhaal, waarbij Sanne fungeert als een fijngevoelige anemoscoop. Zij verwerkt de aanwaaiende elementen uit steeds wisselende windrichtingen tot een eclectisch geheel en zodoende dirigeert zij de muziek impliciet, zonder daadwerkelijk te gebaren. Soms laat ze deze ingevingen even achterwege, en wacht zij tot ze volledig zijn uitgewerkt door de andere musici. Dan houdt de frèle lippenartieste zich even op de vlakte, door te deinen op de golven, en te luisteren, met de ogen dicht, hoe stap voor stap de stilte intreedt. Als dan de tonale vijver tot volstrekte rust gekomen is, is het Sanne die bepaalt of de tijd rijp is om weer eens een steen in het water te gooien en nieuwe centrifugale golven te laten ontstaan.

Vierde bandlid

Zodoende is elk concert van Under The Surface een nauwelijks te bevatten tijdspanne verkeren in de droomwereld van Sanne, Bram en Joost. Met de ogen dicht, vliegt men mee over de tonaal gearceerde landschappen en vergezichten, hoog in de lucht keilend boven de Noordse fjorden en bergwouden, laagscherend over de steppen en toendra’s. Deze keer was het kleurenpalet door Sanne, net teruggekeerd uit Noorwegen waar zij in de studio was met Oddrun Lilja en Bugge Wesseltoft, behalve met keelklanken uit Telemarken en Joik-grappen, verrijkt met Indiaanse en Indiase invloeden. Ook vleugjes van lyrische opera klinken door in de fantasierijke zang van Rambags, die bij elke melodie een passend stemgeluid lijkt te vinden. Opvallend was het totale geluidsspectrum waarin Under The Surface zich begeeft, een warme en gelaagde galmbak, die het gevecht met de alledaagse werkelijkheid van meet af aan beslecht in het voordeel van het gedroomde, het ongewone en het fantastische. Hierbij speelt geluidsengineer Ted Masseurs een grote rol, die meereist met Under The Surface en actief meeschuift vanachter de audiotafel. Het is om deze reden dat Joost Lijbaart de geluidsengineer wel betitelt als “vierde bandlid”. Vooral wat betreft de galm op de stem van Sanne is hij bepalend, die hij zo nu en dan wagenwijd openzet, maar dan niet te abrupt dicht moet draaien (een keertje ging dat mis);  maar soms ook met een ‘octaver’, zodat Sanne polysono kan fraseren met parallelle octaven, hetgeen een machtig archaïsch effect geeft – waar wij van ProgJazz zo verzot op zijn. Aldus wordt elk concert van Under The Surface een geleide meditatie in een bedwelmende mysterie-tempel.

Pneumatische hartmassage

We openen de ogen en ontwaren Club Nine in TivoliVredenburg. We zien Sanne geknield op het podium, met sierlijke kneed- en pompbewegingen een Indiaas harmonium aandrijven. De aanzwellende finale wordt ingezet, drummer Joost legt de percussieve en exotische snuisterijen terzijde en haalt nog een keer alles uit de kast op drums, terwijl gitarist Bram al zijn effecten tegelijk laat brullen en enigineer Ted de zang nog een keer laat exalteren. Een pneumatische hartmassage die op de grens verkeert van een erotiserende hypnose, en die na een zachte landing verandert in muisstilte, het geluid van ingehouden adem en hartklopping in de keel. Het is het geluid van een publiek, dat grote moeite heeft terug te keren naar aarde. Het machtigste applaus denkbaar.

“Lag jij nou te slapen?” lacht Sanne na afloop, die ons aldus languit hangend in de stoel had waargenomen vanaf het podium. Een standje met een knipoog -want we kennen elkaar- en wij beweren geenszins dat het niet waar zou zijn. We hadden echter geen tijd om uit te leggen dat we het hele optreden in een rituele ‘incubatie’ hadden verkeerd, de asklepion-tempelslaap - en dat dat dus een compliment is voor de geboden muziek.


[PJ_©STAB]