Arild Andersen Trio ft. Tommy Smith

North Sea Jazz festival (Yenisei)
Zaterdag 13 juli 2019
tekst: Storm Bakker

beeld: Storm Bakker



Tussen de vele blues-, hiphop- en siso-bedrijven door, vonden wij zaterdag 13 juli j.l. onze weg op het festival North Sea Jazz. Omdat de spoeling jazz en jazzrock tijdens NSJ elk jaar uitermate dun is, en jaarlijks steeds dunner wordt, blijft de keuzestress van vroeger beperkt. Met andere woorden: het was dit jaar niet zo moeilijk, de handvol paerlen die tijdens het evenement voor de zwijnen wordt geworpen, uit te kiezen en bij te wonen. We zagen en.hoorden Gary Bartz en Ravi Coltrane, Bobo Stenson Trio, Robert Glasper Trio (zonder de beloofde special guests), Arild Andersen Trio (met Tommy Smith) en uiteindelijk in de grote Nile zaal de Amerikaanse supergroep Toto. Tussendoor hadden we tijd om wat te eten en op het Mississippiplein met frites en al door een stoel te zakken. North Sea Jazz 2019, ProgJazz was er bij.

Kringels

Toen we vantevoren het blokkenschema doornamen, zetten we meteen ferme kringels rond twee concerten: Bobo Stenson Trio (met Anders Jormin) en Arild Andersen Trio (met Tommy Smith). Vier van de mooiste spelers aller tijden; spelers waaraan je denkt als je gevraagd wordt welke plaat je wilt meenemen naar een onbewoond eiland; artiesten die je wilt profileren als je een avond Zomergasten mag samenstellen; artiesten waarvoor je als ouderling langs de deuren gaat, opdat dit Evangelie des Koninkrijks in de gehele wereld gepredikt moge worden tot een getuigenis allen volken.

Arild Andersen

Na Anders Jormin, die wij zagen met Bobo Stenson, was Arild Andersen de tweede Skandinavische bassist die wij vanavond aan het werk zagen en hoorden. Jormin en Andersen zijn exponenten van wat wij noemen Niels' Neefjes, de opzienbarende orde van Double Bass Vikings. Andersen werd groot aan de zijde van Jan Garbarek (1967-1973), George Russell en Bobo Stenson. Hij deelde het podium met swingers als Sonny Rollins, Stan Getz, Phil Woods, Dexter Gordon en Johnny Griffin, maar ook met vrijere improvisators als Terje Rypdal, Chick Corea, Don Cherry, Bill Frisell, Tomasz Stanko, Kenny Wheeler, Steve Dobrogosz, Paul Motian, John Taylor en Alphonse Mouzon, Jon Christensen, Ralph Towner, John Marshall, Jon Christensen, Markus Stockhausen, Arve Henriksen, Bendik Hofseth en Nils Petter Molvær. Met Kirsten Bråten Berg (zang en langeleik-zither) maakte hij het album 'Sagn' (1991), één van de grootste parels van de noordse 'fjordenjazz'. En tenslotte, last but not least, speelt hij met zijn kameraad Tommy Smith, volgens kenners "de beste saxofonist ter wereld, ware het niet dat hij in Schotland woont".

Tommy Smith

Zijn levensverhaal leest als een jongensboek. Hij groeide op in het nietige Wester Hailes, een troosteloos gewest onder de rook van Edinburgh, bestaande uit jaren '70 'purpose-built flats and tower blocks'. Als zoon van een muzikale vader, die hem tevergeefs wilde interesseren in drummen, wijdde hij zijn aanleg aan saxofoon. Zijn eerste plaat was 'Ascension' van John Coltrane, die -ofschoon hij de plaat eerstens nog wilde terugbrengen naar de winkel- zijn levenlang zijn grote voorbeeld zou blijven. Op zijn 14de won Tommy de International Jazz Award en dankzij de door zijn teacher bijeen gesprokkelde centjes, waagde hij als puber de overtocht naar Berklee in de VS. Daar werd hij spoedig ontdekt door Chick Corea en opgenomen in de band van Gary Burton, studeerde vervolgens compositie in Parijs, presenteerde een Jools Holland-achtig TV programma voor de BBC en musiceerde met grootheden als John Scofield, Jack deJohnette, Joe Lovano. Tommy Smith is één Highlanders van de vijf die onderscheiden werden met "honorary degrees by the University of Edinburgh'. Dr. Tommy Smith OB, de Schotse grootmeester maakt furore met zijn eigen orkest NSJO en is de oprichter en artistiek directeur van Jazz at the Royal Conservatoire of Scotland.

Plafond

Dit gezegd hebbende, komen wij nu te spreken over het concert in de intieme Yenisei-zaal in Ahoy, met het lage plafond en bar aan de zijkant, de sfeer van een jazzclub ademend. Daar is op zich niets mis mee, de beste concerten tijdens NSJ woonden we in dergelijke ruimten bij en Tommy Smith was na afloop zelf de eerste om te beamen: "we play everywhere we're invited", maar in feite zouden artiesten van dit kaliber in de grotere Madeira beter gepast hebben. We zagen de musici zelfs instinctief bukken, om niet hun kop te stoten of met hun instrument tegen het plafond te stoten. Hoedanook, de muziek kwam in de Yenisei fantastisch uit de verf. Het trio was mooi versterkt, met een toefje Fjordenjazz-galm op de sax, maar niet teveel, zodat de luisteraar zich soms onderdeel van de groep waande. Het publiek was vol respect en luisterde geruisloos; de jongens en meisjes achter de bar handelden op muizevoetjes en konden goed liplezen. Het is een vak en -dat mag ook wel eens gezegd- wat dat betreft heeft NSJ de zaken gewoon op orde.

Handelsmerk

Het trio speelde louter eigen stukken en -zoals het een ECM-kollektief- een paar traditonele folksongs. Van deze stukken kenden wij de oeroude 'Yemini Song', vandaag door Andersen wat trager ingezet dan wij (en Smith) gewend waren. Dat maakte de oude Noor goed door het opzwepende thema gaandeweg unisono mee te spelen. Het duo is zo talentvol en zo goed op elkaar ingespeeld, dat dit soort ongerepeteerde uitvoeringen moeiteloos tot een goed einde gebracht worden. De 74 jarige Andersen is sowieso de rust zelve en an sich al een basaal fundament, waartegen de jonge, frivole Noorse drummer Thomas Stronen vrijelijk kon bewegen. Andersen zette zo nu en dan een wah-effect aan, om met zijn contrabas wat funky lijnen uit te spugen; een ander moment gebruikte hij het looping effect om met zichzelf gelaagd te musiceren, soms resulterend in ijle pads op de achtergrond, lyrische basmelodieën op de voorgrond. Een handelsmerk van Andersen.

Mind blowing

Maar, net als 33 jaar geleden toen we Tommy Smith voor het eerst live zagen tijdens NSJ Den Haag, raakten wij volledig in de ban van de eeuwig jonge Highlander Heiland. Smith kriebelde dik een uur onze hartkamers, met zijn intense geluid en prachtige nootkeuze, zijn abstracte overgeblazen natuurtonen, afgewisseld met mind blowing jazzfrasen, of die nu ultra-prestissimo of extreem-larghissimo uit zijn innerlijke wereld naar de oppervlakte opkropen. Nooit verloor Smith de controle over het stuur. Dat kan niet van elke topsaxofonist gezegd worden. Het is één van de elementen die van Smith de rietblazer maken uit de hoogste buitencategorie; in feite de meest vooraanstaande fakkeldrager van John Coltrane, die volkomen terecht in een adem genoemd wordt met Shorter, Brecker en Mariano. Wij zullen dan ook nog vaker over Tommy Smith komen te spreken op deze website.

R.I.P.

Wij spraken hem na afloop, na een hartelijk weerzien en zoals altijd een misprijzend praatje over die verraderlijke King Longshanks. Smith is namelijk een van de kopmannen van de Schotse vrijheidstrijd, getuige ook zijn orkestrale werk 'Modern Jacobite'. Wij vroegen hem ten eerste naar zijn gemoed, want hij ging in het zwart gekleed, oogde een beetje introvert, bijna droevig en hij was wat grijzer en stevig afgevallen; niet meer de charismatische man met de brede borst die in 2012 ons Festival de Muzen omver blies. Het was inderdaad rouw die hem parten speelde. De Italiaan Paolo Vinaccia, sinds jaar en dag drummer van het trio, bleek 10 dagen geleden overleden. De drummer, die sinds 1979 in Noorwegen woonde, werkte met veel succes aan meer dan 100 albums (!!!), met artiesten als Terje Rypdal, Bendik Hofseth, Palle Mikkelborg, Jonas Fjeld en Mike Mainieri e.v.a. Met Andersen en Smith maakte hij twee albums, 'Mira' (2014), 'Live' en 'In-House Science' (2018), terwijl hij ook deel uitmaakte van het Arild Andersen Quartet (met Smith en pianist Makoto Ozone). Luister en huiver. Vinaccia is 65 jaar geworden.


[PJ_©STAB]

Zie hier het concert op het Youtube-kanaal van Arild Andersen

foto: Robin Boer | edit STAB