Asmus Tietchens in De Ruimte, Amsterdam

Café de Ruimte, Amsterdam Noord | 9 september 2018

Tekst: Storm Bakker m.m.v. Robin Boer & Hugo van Os

Foto's: Storm Bakker (Z/W)

De Ruimte

De Ruimte aan de Distelweg in Amsterdam Noord is een onafhankelijke cultuurplaats, gevestigd in 'De Verkeerstoren' in Amsterdam Noord, met uitzicht over Buiksloterham. Dankzij een eigenzinnige programmering heeft De Ruimte zich ontpopt tot een podium voor experimentele muziek dat zich qua kwaliteit kan meten met het Bimhuis. De Ruimte heeft ook een zomerterrasmet ook weer een eigen re-creatieve programmering., een mix van podium, café, werkplaats en platenwinkel. Je kent dat wel: knus en kleurrijk,lekker losjes, beetje rommelig… een club die sinds enkele jaren aan (jonge) makers een werkplek en een podium biedt.De Ruimte is een plek waar altijd iets gebeurt. Overdag is het zowel atelier als huiskamer, waar men in een ongedwongen sfeer de krant kan lezen, mensen ontmoeten, studeren of achter een laptop werken. Bezoekers komen in aanraking met het werk van kunstenaars op een plek die minder intimiderend is dan een museum, op een plek “waar de grenzen tussen kunstwerk, maker en publiek niet absoluut zijn”, aldus de website. De muziek is lekker, het eten is goed en eerlijk, het interieur beetje slordig en ongedwongen. ’s Avonds is De Ruimte een podium voor muziek, literatuur, film, debat, poëzie en kunst. Met de programmering en activiteiten wil De Ruimte een brug slaan “tussen makers en publiek, werkplek en expositieruimte, podium en huiskamer, inhoud en adrenaline, tevreden en content. Muzikaal biedt De Ruimte met name een podium aan het genre geluidskunst, musique concrete en electronische muziek in de serie ‘Ruisburo’. Daarnaast wordt er geprogrammeerd in het genre geïmproviseerde muziek, instant composing of freejazz in de serie ‘Space Is The Place’. Hoedanook: “De Ruimte verrast, vervreemdt, schokt en verbaast.” De drijvende krachten achter De Ruimte geloven dat cultuur niet duur hoeft te zijn en zij creëren naar eigen zeggen een plek waar mensen makkelijk naar binnen stappen en zich snel op hun gemak voelen. Dat makkelijk naar binnen stappen valt niet mee, want de ingang is onopvallend en onooglijk en daarna volgen drie trappen met onverwachte op- en afstapjes, voor slechtzienden vrij moeilijk en voor blinden en rolstoelers gewoon niet te doen. Maar eenmaal binnen en boven in het café met open keuken is het inderdaad laagdrempelig en voelt men zich meteen op zijn gemak. Vooralsnog niemand die de luttele toegangsgelden incasseert, maar dat doen we wel na afloop. Mijn gezelschap bestaat uit twee van mijn kameraden, die elkaar net wat beter hebben leren kennen. Enerzijds Hugo van Os, jazzpianist en (desondanks) liefhebber van Neue Deutsche Welle en anderzijds Robin Boer, een lopende muziekencyclopedie en redacteur van ProgJazz.nl. We nemen plaats aan een tafeltje in de hoek, op van die gekleurde kantinestoelen (merk: Rome), met gekleurde kuipjes van hard plastic, stoelen die mij doen denken aan de troosteloze lerarenkamer van een vervelende scholengemeenschap. Voor de rest is het interieur knus en kleurrijk.

Ruisburo

We schrijven zondagavond 9 september 2018. De spits van een nieuw seizoen in De Ruimte wordt afgebeten door niemand minder dan de legendarische Duitse geluidskunstenaar Amus Tietchens, wiens optreden zal worden voorafgegaan door de enigmatische Griekse toonkunstenares Fani Konstantidinou. De avond wordt op innemende wijze ingeleid door de organisator van Ruisburo, zoals het hoort in dit genre, enigszins verward en in Erasmiaans Engels, dat wil zeggen: Engels met een Nederlandse tongval. De temperatuur kruipt inmiddels naar een klam hoogtepunt, op het benauwde af, maar de man gebiedt toch de raampjes te sluiten. Ach, broeien en stinken mag bij Noise Music, of beter gezegd: 'toonkunst', zeker in een cultuurplaats als De Ruimte. Daar is elke lijfgeur eerlijk en van stinken geen sprake.

Wij zeggen nadrukkelijk ‘toonkunst’ in plaats van ‘muziek’. Er bestaat geen eensgezindheid omtrent de definitie van muziek, een woord dat is afgeleid van het Griekse μουσική (mousikè), 'kunst van de Muzen'. Wij associëren muziek van huis uit toch met de traditionele triade ritme / melodie / harmonie. Luisteren naar apparaten, toongeneratoren en semi-autonome machines, taperecorders, radio’s en objecten, aangestuurd door een componist (die van deze genoemde drie wegen in feite geen bewandelt), spreken wij liever van toonkunst. De toonkunstenaar heeft doorgaans een fascinatie voor "matters that escape notation: geluid, stilte, klank, wanklank, tijd, ruimte, "points beyond composition, interpretation and improvisation.” (bron) De perceptie en conceptie is bij de toonkunstenaar en zijn publiek een andere state of mind dan bij de traditionele musicus en muziekliefhebbers. Hoedanook: dit overdacht hebbende is Fani Konstantinidou aangekondigd en gewapend met een vers glas blond gerstenat gaan we er eens goed voor zitten.

Soezen

Als de stilte gevallen is, laat Fani Konstantinidou vandaaruit een zacht dreunend geruis opkomen, zo nu en dan gelardeerd met een sample van menselijke stemmen, koeterwaals geroep dat wonderwel zeer tot de verbeelding spreekt. Op uiterst laag tempo laat de Griekse haar geruis voortbewegen in de tijd en ruimte, eentonige pulserende golven, meanderende geluidsstromen, brede rivieren traag door oneindig laagland gaand enzovoort. Nagenietend van een Indiase vegaschotel en nippend aan ons bier, nadert in de verte reeds het gevecht tegen de slaap dat ons onvermijdelijk te wachten staat. Want als iets zeker is, dan is het de roes die ons steevast overvalt als we getuige zijn van bedwelmende elektronische toonkunst in een warme, zuurstofarme ruimte, - zeker na een dag nooddruftige arbeid en digitale rompslomp. Als kijkspel is dit genre totaal verwaarloosbaar: Fani Konstantinidou zit zelf onbewogen achter de tafel, turend op het scherm van haar laptop. Wij haken aan op de sonologische frequentie van de Griekse en sluiten automatisch de zware ogen. Verscheidene gedachten verdringen elkaar op het gedachtentoneel, verworden tot droomslierten, terwijl we ondergedompeld wegsnurken bij drones en analoge synthese. Zulks overkwam ons al eens na een fles Saint Emilion, neergestreken in het Goethe Instituut Amsterdam aan de voeten van het Frankfurter duo Dyko van Christofer Jost en de Australiër John Dyke. "Alles in Ordnung?" We schrokken wakker en verontschuldigden ons in ons beste Duits, maar de mannen van Dyko vonden het gezapige geronk juist een groot compliment. En inderdaad: als de toonkunst dermate innemend is, dat men zich comfortabel genoeg voelt om en publique in slaap te vallen, dan zegt dat wat, zeker voor een paranoïde agorafoob die doorgaans ook nog eens bij de tijd moet blijven om de laatste trein te halen. Sindsdien, zo geven wij toe, is inslapen a priori het doel bij elk live concert en zoeken we voorafgaande een goed plekje, zodat de narcolepticus in ons ongehinderd ineen kan zijgen. Ook in De Ruimte ging derhalve het licht uit en hielp de ruizende toonkunst van Fani, mesmerisch en hypnotiserend, ons een end op weg.

Toonkunst

In gedachten vervolgen wij een interne dialoog over toonkunst versus muziek. In de toonkunst zijn concerten zijn eigenlijk performances en zelfs dat niet volmondig, want zij zijn gespeend van elke zweem van uiterlijk vertoon en theatrale opsmuk, ofschoon het genre zich goed leent voor gesproken woord en gekrijt in dadïstische kunsttalen. De voorstellingen worden doorgaans aangekondigd onder bijzondere noemers als “onafhankelijke geluidskunst, radiofonische projecten en andere audio-non-visuele misverstanden en vondsten”, zoals de Concertzender vermeldt aangaande de sonologische artiest Reinier van Houdt... “deserted anthems, disembodied voices, morse signals, crank calls, corroded tapes, radio statics, counting games and wanderings through empty buildings”. Wat musici doorgaans compositie noemen, beschouwen sonologische artiesten als hun werk, formule, fabricage, concept of constructie. In toonkunst worden werken het liefst voorzien van vergezochte titels en ongrijpbare context… De toonkunstenaar is veelal ook filosoof, researcher en technicus tegelijk, soms ook uitvinder en instrumentbouwer; waar de gewone musicus oefent om zijn instrument te beheersen, is de toonkunstenaar zonder omhaal of gene afhankelijk van een grote factor toeval en spontaan gegenereerde klanken.Let wel: deze definiëringspeelt zich wat ons betreft volledig buiten de esthetische discussie af, of iets mooiis of niet. Dat is helemaal niet de kwestie. Wij onderschrijven evenwel 100% de keuze van onze vriend Mark Thur, zichzelf te omschrijven als geluidsvormgever in plaats van musicus. Dat houdt de boel wel lekker duidelijk en gescheiden.

Fani Konstantinidou

We zitten inmiddels diep in Fani Konstantinidou. We gluren tussen de wimpers door: Fani zit zoals ze begon, achter de tafel met laptop en mengtafel, verstild, onverstoorbaar, bijna apathisch, bijna indifferent... Daaromheen ongeveer 75 luisteraars aandachtig, stil en ademloos, sommigen ook met gesloten ogen, gelijk ook wij weer de ogen sluiten en berusten. Gelijck oock wy vergeven onse schuldenaren. Het is verstikkend heet, of ligt dat aan de genoten thali? Rondom balt zich een extra ruimte samen, alsof Fani met haar faders controle uitoefent over de spectrale showroom die wij als werkelijkheid achter ons laten. We zagen de geluidsgolven zichtbaar als het ware oplichten op het netvlies, dansend als transparante schimmen en bollen op een paleisfeest, een bal voor genodigde tonaliteiten. In het midden, omringd door waaiende figuren, menselijke stemmen in het voorbijgaan, engelachtige amplituden, wulpse Lekythen op Attische vazen, vervolgens toch nachtzusters bloedwijn, de luisteraar gebiedend om plaats te nemen op de pijnbank, het altaar van de ziel. Fani hielp ons langzaam uit phase, eindigde met knarsende geluiden, even genadeloos als plotseling toevertrouwd aan de overvolle gehoorgang. Dan geleidelijk, terwijl de volumetric mass densitytot het maximum was opgeschroefd, tekende zich aan de binnenkant van onze ogen de gestalte af van een naakte jongeman, zijn vleugels aan zijn slapen gehecht, langzaam toetredend vanuit een dionysisch krachtveld, naderbij komend met uitslaande vleugels, klauwende poten en kronkelende staart. Was hij nu een bebaarde man met papaverhaar, een drinkhoorn in de ene, een erecte fallus in de ander hand? De schrik kwam er goed in. Het geschrei van een kind, brabbeltaal, chtoon, mania, malefica, chtoon venefica, lamia, hekate, strix, chtoon, fania… Dan is het stil. Pauze. Snel naar buiten, even afkoelen en de benen strekken.

We lezen ons in de pauze in over Fani Konstantinidou. Zij is een Griekse ‘Composer, Sound Artist and Music researcher’, woonachtig in Den Haag. Voorheen studeerde zij klassiek gitaar en muziekgeschiedenis, nevens Music technology & Acoustics en electroacoustic music composition in Griekenland, later gevolgd door studies Sonologie aan het Conservatorium in Den Haag en nu promoverend aan de Universiteit van Amsterdam. “Her work concentrates on emphasizing, analyzing, and exposing cultural and social elements through sound aiming at public communication throughmusic whilst exploring new compositional approaches. Since 2015, she works on her personal artistic project sound topographies: a series of compositions and live performances focusing on cultural identities and their implementation in experimental/electronic music.” Aha. De focus op culturele identiteit hadden we niet ontdekt, maar nieuwe compositorische benadering hebben we wel ondervonden.

Asmus Tietchens

Na een pauze van pakweg 20 minuten maakt het publiek zich na wat verkoeling en een mini-set van DJ Zipo op voor het tweede deel van deze avond, namelijk de set van Asmus Tietchens. De inmiddels 72-jarige in Hamburg geboren toonkunstenaar heeft een indrukwekkende stapel van ruim 80 titels op zijn naam staan. Sinds 1976 maakt Tietchens furore als solo-artiest in avant garde en abstract electronic music en musique concréte, later vooral op het gebied van industrial abstract music. Gebruikmakend van specifieke geluidsbronnen (van waterstromen tot sinusgolven) en alledaagse geluiden “deformed beyond recognition”, altegaarde geplaatst in nieuwe context, is hij tweemaal onderscheiden met de prestigieuze Karl Sczuka Prize van de Südwestrundfunk (SWR). Kameraad Van Os is vol verwachting, opgewonden door de aanwezigheid van de eminente grijsaard in het kleine Café De Ruimte. “Asmus Tietchens te kunnen zien en horen in een dergelijke setting, ja, dat is heel bijzonder…” zegt hij vol ontzag. Van Os heeft een enorme verzameling Tietchens op vinyl en ook “bijzondere exemplaren die niemand kent”. Op gedempte toon benadrukt hij dat de Duitser een bijzondere status geniet en meermaals refereert Van Os wat dat aangaat aan Tietchens’ samenwerking met Dieter Moebius en Conny Plank. Kameraad Boer vond het vooral jammer dat de set van Tietchens aanzienlijk korter was dan die van Konstantinidou. Schriftelijk stuurde hij nog enkele regels na, om aan deze review toe te voegen: “Waar de eerste helft van het stuk van Asmus Tietchens een welhaast aangenaam lugubere klankkleur verspreidde, werden de doezelende luisteraars genadeloos opgeschrikt door korte staccato geluidseffecten: piepend hoog, vlijmscherp en wellicht een tikkeltje te hard. Desalniettemin bleven we geboeid tijdens deze eclectische reis door de kosmos. Het smaakte naar meer. Vroeger dan gevoelsmatig aanvaardbaar rondde Tietchens af en nam bescheiden een ijverig applaus in ontvangst.”


Enfin... Het is tijd om te gaan, een bijzondere ervaring rijker. We rekenen af en bedanken Herr Tietchens beleefd. We nemen ons voor om spoedig terug te keren in De Ruimte. De cultuurplaats bestaat nu vijf jaar op deze unieke locatie, maar zal naar verluidt aan het einde van het seizoen moeten verhuizen naar elders in Amsterdam. Om beter licht en geluid aan te schaffen heeft De Ruimte een crowdfunding opgezet om € 3250,- bijeen te sprokkelen. Die doelstelling is -met nog vijf dagen te gaan- gehaald, maar er kan natuurlijk altijd nog meer bij.


[PJ_©STAB mmv RB/HvO]